Vaardigheden verbeteren met kernkwadranten. Kernkwadranten geven inzicht in wat je kwaliteiten zijn en wat je valkuilen. Ze laten zien hoe je het anders kunt doen door nieuwe vaardigheden te ontwikkelen.

Vaardigheden en kwaliteiten

Kwaliteiten heb je, vaardigheden kun je leren. Waar je goed in bent, is een kwestie van aanleg én hoe je die verder ontwikkelt. Nature en nurture.

Vaardigheden verbeteren

Bij lichamelijke kwaliteiten is dat vaak wel duidelijk. Een klasgenoot op de middelbare school was meer dan twee meter lang en dus een gewild teamlid bij basketbal. Door het voordeel van zijn lengte werd hij voortdurend geprikkeld zijn sportieve vaardigheden verder te verbeteren.

Psychisch werkt het niet anders. Ben je geboren met een wiskundeknobbel, dan is de kans groot dat je hier later iets mee gaat doen. Je ouders en leraren herkennen het en zullen je stimuleren. Je kiest op school eerder exacte vakken en later een beroep waarin logisch denken overheerst. We doen nu eenmaal graag waar we goed in zijn.

Maar wat als je situatie verandert? Als de omstandigheden vragen om inzet van andere vaardigheden? Wanneer je als timmerman zogezegd een muurtje moet stuken? Wat doe je dan?

Vaardigheid wordt valkuil

Bijna iedereen blijkt dan nog sterker in te zetten op waar hij of zij goed in is. Ook als dat aantoonbaar niet werkt. Zeker onder druk of in stresssituaties verdwijnt zo de flexibiliteit uit je gedrag en schiet je door in meer van hetzelfde doen. Zorgzaamheid voor anderen wordt dan bijvoorbeeld zelfopoffering. Terwijl de situatie eigenlijk om het inzetten van heel andere vaardigheden vraagt. Wat onder normale omstandigheden een kwaliteit is, is nu je valkuil geworden.

Die valkuil kom je op het spoor door je af te vragen wat je kwaliteit is en hoe je het noemt als je daar volledig in zou doorschieten.

Kwaliteit wordt valkuil

Van valkuil naar uitdaging

Dit doorschieten van kwaliteit naar valkuil gaat onbewust. Het is daarom belangrijk dat je bewust de alternatieve vaardigheid ontwikkelt waar de nieuwe situatie eigenlijk om vraagt. Deze vaardigheid heet je uitdaging. Je komt haar op het spoor door jezelf de vraag te stellen: wat is het positieve tegenovergestelde van mijn valkuil? Wat dat precies is, is natuurlijk heel persoonlijk. Bij zelfopoffering kan het bijvoorbeeld zijn ‘beter voor jezelf zorgen’. Kauw hierop totdat het voor jou echt kloppend voelt.

Het schema ziet er nu als volgt uit:

Uitdaging geeft nieuwe vaardigheid aan

De kernkwaliteit is dat waar je al goed in bent en wat je daarom geneigd zult zijn in te zetten. In de uitdaging ben je van nature wat minder handig. Wil je niet meer in je valkuil vallen, dan moet je deze nog ontwikkelen.

Nieuwe vaardigheden leren

We kunnen de kernkwaliteit en uitdaging zien als de uiteinden van een lijn:

Je repertoire aan vaardigheden vergroten

Het dikke deel van de lijn ben je al goed in. Nu gaat het erom dat gebied uit te breiden door nieuwe vaardigheden te ontwikkelen.

Doel is daarbij niet dat je meer opschuift richting uitdaging of ergens in het midden uitkomt op een nieuw vast punt.  Waar het om gaat, is dat je door je ‘repertoire’ te vergroten op ieder moment kunt kiezen wat in die bepaalde omstandigheden het beste past bij je behoeften. Kernwoord: flexibiliteit. Eigenlijk wil je dus op een punt ergens boven de lijn uitkomen, vanwaar je nog alle kanten op kunt. Dit wordt wel creative indifference genoemd:

Vaardigheden verbeteren met kernkwadranten: Creative indifference

Irritatie goede leermeester

Er is nog één vraag die je moet beantwoorden om het kernkwadrant compleet te maken. Stel je voor dat iemand volledig doorslaat in wat voor jou je uitdaging is, hoe zou je dat gedrag dan noemen? In dit voorbeeld zou dat bijvoorbeeld egoïsme kunnen zijn. In het kernkwadrant heet dit de irritatie:

Kernkwadrant

We irriteren ons aan mensen die een overdosis hebben van waar we zelf eigenlijk wel wat meer van kunnen gebruiken. Zij doen namelijk precies het tegenovergestelde van onze eigen valkuil.

De kunst is om je niet op deze irritante mensen te richten – je kunt ze toch niet veranderen – maar ze te zien als een reminder aan je eigen uitdaging.

Aan de slag met nieuwe vaardigheden

Samengevat kun je drie belangrijke lessen uit dit model halen:

  1. Weet wat je valkuil is. Herken de omstandigheden waarin je geneigd bent in je valkuil te vallen. Alleen dan kun je ze voor zijn.
  2. Ken je uitdaging(en) en ga aan de slag om deze verder te ontwikkelen.
  3. Zie mensen (omstandigheden) die je irriteren als reminders aan je eigen uitdaging.